INTERVIEW


’Ik ben een aanvaller’

Hij leerde zichzelf golfen toen hij vijf jaar was, maar Michael Koster kon ook heel goed voetballen. Hij speelde in de jeugd bij Feyenoord en in de golfselectie van Jong Oranje. Het verhaal van Koster gaat over aanvallen, kiezen en ontwikkelen.

Tekst: Etienne Verhoeff | Beeld: Maaike Petri Fotografie

“Ik was een jaar of twaalf toen mijn moeder naast me kwam zitten en zei dat ik een keuze moest maken: voetballen bij Feyenoord of golf”, herinnert Michael zich. Hij was goed in beiden. Maar het schema was voor de familie niet meer rond te breien. Drie keer in de week trainen bij Feyenoord plus een wedstrijd in de middag en drie keer in de week golfen in Noordwijk met wedstrijden in het weekend.

Waar menig puber zonder twijfel zou kiezen voor een carrière in het rood-wit van Rotterdam-Zuid, koos Koster voor golf. “Ik was een aanvaller. Op straat en in het veld. Ik begon ook als linksbuiten, maar bij Feyenoord werd ik eerst linkshalf en daarna linksback. Ik begreep het wel, maar het voelde niet lekker. Bij golf belandde ik in Jong Oranje, ging toernooien winnen en werd het mannetje. Dan is de keuze snel gemaakt.”


Nooit op safe

Het aanvallen zit nog steeds in zijn bloed. “Op de golfbaan word ik blij van een mooie score over achttien holes. Alleen heb ik één probleem: ik kan niet op safe spelen."

"Als ik op een hole sta, weet ik dat ik met een houten drie en ijzer negen midden op de green lig. Kans op birdie, maar anders een par. En een goede score. Maar wat doe ik? Ik pak mijn driver om in één keer de green te halen. Dat brengt me geregeld in problemen, maar ik moet die vlag aanvallen. Ook op SEVE!"

Ik wil de hole-in-one. Of dat geregeld lukt? Nou, ik loop hier al dertig jaar rond, dus inmiddels is dat wel gelukt op de meeste holes.

Koster kwam binnen op Golfcentrum Rotterdam als puber om te trainen. Inmiddels hij zelf golfprofessional op Seve. Hij heeft het complex in de loop der tijd zien veranderen. Ten positieve.

“De locatie is altijd uniek geweest. Tachtig afslagplaatsen om te trainen, dat zie je niet veel. Maar waar wij als Jong oranje naar Noordwijk moesten voor de trainingen, zie je nu veel toppers hiernaartoe komen. Onze faciliteiten zijn enorm verbeterd in de loop der tijd.”

Mijn moeilijkste hole op Seve…


“Oei. Ja, dat is hole 9. Ik heb daar ooit een shank gemaakt en nog steeds als ik bij die hole aankom, voel ik hem weer. Dat houd je toch!”